verlangens

Lucretius, (eerste eeuw v. Chr.)

'Als jij dit weet en goed onthoudt, blijkt de natuur terstond bevrijd, verlost van trots verheven heersers, en zelfstandig alles zonder godenhulp te doen'. (p. 177)

Aristoteles, (350 v. Chr.)

'Het is dus duidelijk dat de grootsheid als het ware een sieraad is van de deugden.' (Boek 4, 1124 a 1-2)

Epicurus,

'Het gelukkige leven wordt niet tot stand gebracht door drinkgelagen (...), noch door het genieten van jongens en vrouwen (...), maar door nuchter denken (...).'

Jaap van Praag, (1947)

'(...) humanisme betekent tegelijk die milde kunst, die zich met veel menselijk falen verzoend heeft en daaruit kracht put - glimlach zonder pessimisme en zelfzucht zonder zwaarwichtigheid.' (pg. 92)

Pierre Hadot, (1996)

'(...) een bepaalde existentiële keuze, die van het individu een totaal andere levenswijze vraagt, een overgang van heel het wezen uiteindelijk naar een zeker verlangen om op een bepaalde manier te zijn en te leven.'

Spinoza, (1677)

'Gelukzaligheid is niet het loon van de deugd, maar de deugd zelf... (Al) het voortreffelijke is even moeilijk als zeldzaam.' (Boek V, stelling 42).

Harry Kunneman (1948)

Als iemand het moderne humanisme heeft opengebroken naar een nieuwe ruimte waarin postmoderne vragen en problemen aan de orde kunnen worden gesteld, is het wel Harry Kunneman. Als hoogleraar aan de Universiteit voor Humanistiek is Kunneman actief op  zowel filosofisch, als op praktisch-professioneel niveau.

Sigmund Freud, (1927)

'Stellig zal de mens (wanneer men hem de religieuze illusie afpakt - red.) in een lastige situatie verkeren, hij zal zichzelf heel zijn hulpeloosheid, zijn onbeduidendheid in het wereldse raderwerk moeten bekennen, hij zal niet langer het middelpunt van de schepping, niet langer het voorwerp van liefderijke zorg van een goedgunstige voorzienigheid zijn. Hij zal zich in dezelfde positie bevinden als het kind dat het ouderlijk huis verlaten heeft, waarin het zich zo warm en behaaglijk voelde. Maar het infantilisme is toch gedoemd te worden overwonnen, nietwaar? De mens kan niet eeuwig kind blijven.' (Conclusie)